Gemeente Kortessem

Omgevingsvergunning voor de exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Bacterievuur (ook wel perenvuur genoemd) is een hardnekkige, schadelijke plantenziekte die de laatste tijd opnieuw de kop opsteekt in Haspengouw. Ze tast boom- en fruitplantages aan, maar komt ook voor in het openbaar groen & in particuliere tuinen. Besmette bomen en struiken worden in sneltempo ziek en kunnen zelfs doodgaan. Een remedie is er niet.

 Hoe herken je een geïnfecteerde plant?

  • Bruinzwarte verkleuring, verdorring en verschrompeling (als door vuur verschroeid) van bloesems, bladeren en twijgen
  • Slijmdruppels op de plant

Welke plantensoorten zijn gevoelig?

Planten die gevoelig zijn voor besmetting noemen we waardplanten. Zij zijn ook verspreiders van de ziekte. Alle waardplanten van bacterievuur zijn van de familie Rosaceae (rozenfamilie):

  • Glansmispel (Photinia davidiana)

Alternatieven: Gelderse roos (Viburnum opulus); indien bodem voldoende vochtig, wollige sneeuwbal (Viburnum lantana), hulst (Ilex aquifolium), wilde liguster (Ligustrum vulgare)

  • Japanse mispelboom (Eriobotrya)

Alternatieven: Rode kornoelje (Cornus sanguinea), wilde kardinaalsmuts (Euonymus europaeus)

  • Krentenboompje (Amelanchier)

Alternatieven: Rode kornoelje (Cornus sanguinea), hazelaar (Corylus avellana), sering (Syringa vulgaris), Gelderse roos (Viburnum opulus)

  • Japanse kwee (Chaenomeles)

Alternatieven: Gele kornoelje (Cornus mas), winterzoet (Chimonanthus praecox), schijnhazelaar (Corylopsis pauciflora), mahonie (Mahonia)

  • Kweepeer (Cydionia)

Alternatieven: Appelbes (Aronia arbutifolia), vlier (Sambucus nigra), schijnhazelaar (Corylopsis) of hazelaar (Corylus)

  • Lijsterbes (Sorbus)

Alternatieven in boomvorm: veldesdoorn (Acer campestre ‘Elsrijk’), pluimes (Fraxinus ornus), inlandse vogelkers (Prunus padus) als hoogstam, els (Alnus)

  • Mispel (Mespilus)

Alternatieven: Appelbes (Aronia arbutifolia), vlier (Sambucus nigra), krulhazelaar (Corylus avellana ‘Contorta’)

  • Vuurdoorn (Pyracantha)

Alternatieven: Klimrozen (met bottels) bv. Rosa ‘Evangeline’, hulst (Ilex aquifolium)

  • Appel (Malus)

Alternatieven: Houd rekening met de rasgevoeligheid voor bacterievuur van (sier)appelbomen. Voorbeeld van weinig gevoelig ras: Schone van Boskoop

  • Peer (Pyrus)

Alternatieven: Houd rekening met de rasgevoeligheid voor bacterievuur van (sier)perenbomen. Voorbeeld van weinig gevoelig ras: Dubbele Flip.

  • Meidoorn (Crataegus)

Alternatieven: Sleedoorn (Prunus spinosa), hondsroos (Rosa canina), eglantier (Rosa rubiginosa) en andere botanische rozen (met bottels)

  • Dwergmispel (Cotoneaster)

Alternatieven: Kransspirea (Stephanandra incisa ‘Crispa’) als alternatief voor de bodembedekkende dwergmispel. Voor de hoger groeiende dwergmispel: hulst (Ilex aquifolium), Hebe, Euonymus

Handel preventief

  • Van april tot eind augustus: controleer waardplanten regelmatig op infectie.
  • Van november tot maart (als de planten in rust zijn): snoei je waardplanten. Heb je aangetaste takken? Dan mag je ook in de zomer snoeien. Let op: bij zomersnoei is er meer kans op verspreiding en de wonden zijn erg gevoelig voor besmetting.
  • Heb je meidoornhagen? Dan moet je verplicht jaarlijks snoeien tussen 1 november en 1 maart. De bloesems zijn één van de toegangspoorten voor de bacterie. Bij de snoei scheer je veel bloemknoppen weg, met minder kans op besmetting.
  • Ontsmet je snoeimateriaal regelmatig (met zuivere Dettol of iso-Betadine). Hierdoor vermijd je ook veel andere ziekten en plagen.
  • Ontsmet de snoeiwonden, zo voorkom je dat bacteriën de verse wonden infecteren.

Meldpunt

Bij adviesvragen, twijfel of verdachte waarnemingen van bacterievuur, aarzel niet om contact te nemen met het Provinciaal meldpunt bacterievuur via tel. 011 23 74 38 of e-mail bacterievuur@limburg.be.

De medewerkers zullen je kunnen informeren over bacterievuur, maar kunnen ook een plaatsbezoek brengen bij vermoeden van een infectie. Indien symptomen – na een eventuele analyse – bevestigd worden zal er een professionele ploeg ter plaatse komen om de infectiehaard te verwijderen en geïnfecteerd materiaal af te voeren.

Deze dienstverlening is gratis maar vereist voorafgaande melding aan het provinciaal meldpunt.

 Subsidiereglement

Na het verwijderen van een infectiehaard op het terrein is het van belang dat er in de daarop volgende jaren goed onderhoud wordt uitgevoerd. Het provinciebestuur ondersteunt getroffen terreineigenaars die na tussenkomst van het meldpunt een haard hebben laten verwijderen via het subsidiereglement "Bacterievuur – preventie en onderhoud". Deze subsidie kan aangevraagd worden voor het laten opstellen en uitvoeren van een onderhoudsplan als preventieve actie tegenover bacterievuur. 

Omschrijving

Als u in Vlaanderen een bedrijf wilt starten, moet u nagaan of u een omgevingsvergunning nodig hebt voor het exploiteren van ingedeelde inrichtingen of activiteiten. In bepaalde gevallen is er alleen een meldingsplicht. Dat hangt af van het feit of uw bedrijf behoort tot klasse 1, 2 of 3 van het Vlaams Reglement betreffende de Milieuvergunning (VLAREM).

Wie

Ga eerst na tot welke klasse uw bedrijf behoort. De klassen 1, 2 en 3 duiden op de graad van mogelijke hinder van uw bedrijf voor mens en milieu. De indeling in klassen is gebaseerd op de aard en de belangrijkheid van de milieu-effecten.

  • Klasse 1 betekent de meest hinderlijke activiteit.
  • Klasse 2: minder hinderlijke activiteit.
  • Klasse 3: de minst hinderlijke activiteit.

De VLAREM-wegwijzer helpt u om de klasse van uw bedrijf te bepalen. U komt ook te weten of u een vergunning of een melding nodig hebt, en zo ja, welke vergunning en waarvoor. U kunt ook de meest recente lijst van het VLAREM raadplegen.

Afhankelijk van de klasse, hebt u een andere omgevingsvergunning nodig:

  • Voor klasse 1 en 2 hebt u een vergunning nodig.
  • Voor klasse 3 geldt alleen meldingsplicht.

Procedure

Dossiers op Vlaams en provinciaal niveau (eerste aanleg)

Alle Vlaamse en provinciale projecten

  • Vlaamse projecten en projecten over 2 of meer provincies
  • provinciale projecten en projecten over 2 of meer gemeenten
  • ingedeelde inrichtingen of activiteiten van klasse 1
  • meldingen, bijstellingen,…die horen bij bovenstaande projecten

moeten via het online Omgevingsloket worden ingediend bij de deputatie van de provincie waar de exploitatie zal plaatsvinden.

Vlaamse en provinciale projecten in faciliteitengemeenten worden nog op papier ingediend bij de deputatie van de provincie waar de exploitatie zal plaatsvinden.

Na de aanvraag wordt één openbaar onderzoek en één adviesronde georganiseerd. De vergunning wordt toegekend of geweigerd binnen 4,5 maanden.

Dossiers op lokaal niveau (gemeenten)

De lokale dossiers voor ingedeelde inrichtingen of activiteiten van klasse 2 moeten via het online Omgevingsloket worden ingediend bij het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente waar de exploitatie zal plaatsvinden.

Lokale projecten in faciliteitengemeenten worden nog op papier ingediend bij het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente waar de exploitatie zal plaatsvinden.

Na de aanvraag wordt één openbaar onderzoek en één adviesronde georganiseerd. De vergunning wordt toegekend of geweigerd binnen 3,5 maanden.

Meldingsplicht

Behoort uw bedrijf tot klasse 3? Dan bent u enkel verplicht om dit te melden.

Beroep

Als uw vergunning geweigerd wordt, kunt u in beroep gaan tegen deze beslissing.

  • Bedrijven van klasse 1 kunnen beroep aantekenen bij de Vlaamse Regering.
  • Bedrijven van klasse 2 kunnen beroep aantekenen bij de deputatie van de provincie.

Omzetting van lopende milieuvergunningen

Voor bepaalde milieuvergunningen kan een exploitant via een eenvoudige procedure in het omgevingsloket de omzetting naar een omgevingsvergunning voor onbepaalde duur vragen. De lopende milieuvergunning moet voldoen aan de onderstaande voorwaarden.

  • De milieuvergunning werd verleend voor 20 jaar.
  • De omzetting wordt gevraagd tussen de 48ste en 36ste maand vóór het einde van de milieuvergunning.
  • De stedenbouwkundige handelingen die noodzakelijk zijn voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting, zijn op het tijdstip van de vraag tot omzetting hoofdzakelijk vergund.
  • De vraag tot omzetting vereist geen MER of passende beoordeling.
  • Noch het betrokken publiek, noch de adviesinstanties dienen een gemotiveerd bezwaar in tijdens de omzettingsprocedure.

In alle andere gevallen moet de exploitant voor het hernieuwen van de omgevingsvergunning een nieuwe aanvraag indienen in het online omgevingsloket.

Hulp bij aanvraag van de omgevingsvergunning

Hebt u hulp nodig bij de aanvraag van uw vergunning? Neem contact op met uw gemeentelijke milieudienst.